Klank is een patronen vormende golflengte
Geluid is een fysiek tastbaar gebeuren. Het bestaat uit een reizende golf, een op en neergaande druk die zich voortplant in vaste stof, vloeistof of gas in een bepaalde frequentie en volume. Die golf wordt voorgesteld door een sinusoïde, een regelmatige op en neergaande lijn, van links naar rechts de tijdsas volgend. Geluid plant zich niet voort in vacuum. Het gebeurt immers doordat de moclulen botsen tegen de volgende, die dan op hun beurt weer tegen de daaropvolgende opbotsen.
Dat geluidsgolven een verregaande invloed hebben op stoffen, is al geruime tijd duidelijk aangetoond door een aantal proeven. Ernst Chladni is bekend voor zijn proeven met platen waarop hij zandkorrels legde. Hij streek de rand van de plaat aan met een strijkstok. Telkens een zuivere toonhoogte werd bereikt, bekwam hij een geometrisch patroon, dat aan mandala's doet denken. Elke toonhoogte vormde een ander patroon. Dit wijst op het verband tussen geluid en materie. Zijn proeven worden cymatics genoemd. Hij berekende ook de specifieke snelheid van het geluid in diverse gassen.
Zo waren er de zogenaamde cymatics van Ernst Chladni in 1887. Bij de trillingen van bepaalde toonhoogtes vormde los zand zich tot geometrische patronen. Bij het aanwrijven van klankschalen met water in, begint het water in het midden te borrelen, of op vier tegenoverliggende plaatsen aan de rand op te spuiten, ten gevolge van energie. Maar het belangrijkste is dit: de eerste maal duurt het een geruime tijd voor het plaatsvindt. Als je een tijd stopt en daarna herbegin je te wrijven met dezelfde schaal, is het effect echter onmiddellijk. Dat bewijst de oplaadbaarheid van de energie.